De zin en onzin van hoge isolatiewaardes

DSC03064_1000px
Auteur: Ivo van Rooy

Welke isolatiewaarde kan ik het beste hanteren? Dat is een vraag die we vaak horen. Deze vraag is niet eenduidig te beantwoorden, maar erg afhankelijk van het ambitieniveau van de renovatie. Wat voorop staat, is dat de keuze om een niet-geïsoleerde woning überhaupt te gaan na-isoleren altijd de juiste is. Wanneer een niet-geïsoleerde woning (bijvoorbeeld rijwoning) naar een Rc-waarde van 8,0 m².K/W wordt geïsoleerd, zit 85% van de besparing in de stap van Rc 0,3 m².K/W naar Rc 2,5 m².K/W. En 15% in de stap van 2,5 naar 8,0. Dat komt omdat de Rc-waarde iets zegt over de warmteweerstand. Verstandiger is om te kijken naar de warmtedoorgangscoëfficiënt (Uc-waarde in W/m².K, U = 1/R). Dit getal zegt veel meer over de werkelijke bouwfysische prestatie en het verlies aan energie.
Grafiek01_1000pxTer verduidelijking is de Uc *10 gedaan.

De eerste stappen zijn dus het meeste waard, sowieso een enorme comfortverhoging én besparing. Daarna loopt de extra besparing steeds harder af. Een Rc verdubbeling is dus niet 2x meer besparing. Wel kan worden gezegd dat een hogere Rc per definitie meer bespaart én een positieve invloed heeft op het comfort in de woning. Daarnaast kan er bespaard worden op de installatiekosten.

Hoeveel energie bespaar je dan?
Hier is de eerste stap isoleren naar een niveau van Rc 0,3 m².K/W (niet geïsoleerd bouwdeel) naar Rc 2,0 m².K/W. Daarna loopt de besparing langzaam op. Uiteindelijk vlakt de grafiek uit bij ruim 1.500 m³ gasbesparing (op het totale gasverbruik van 2.000 á 2.300 m³ gas).<Grafiek02_bewerkt_1000px
Er is echter een groot verschil tussen de gebouwdelen, dat blijkt wanneer we beter inzoomen op de besparing vanaf een Rc van 2,5 m².K/W.Grafiek03_bewerkt_1000px

Het isoleren van het dak bespaart veel meer energie ten opzichte van de andere bouwdelen. De vloer bespaart het minste energie, maar draagt uiteraard wel bij aan een comfortabele woning. De gevel loopt sneller vlak dan het dak. Daar zien we na een Rc van 4,5 á 5,0 m².K/W nog maar weinig besparing. Het dak bespaart de meeste energie. Ook na een Rc van 5,0 m².K/W is hier nog best wat energie te besparen.
Rc van 5,0 m².K/W naar 8,0 m².K/W bespaart in het dak 31 m³ gas. Dat is 20 euro per jaar (gas)besparing voor de bewoner. Bij de gevel bespaar je per jaar €10,- aan gaskosten bij de stap van Rc 5,0 m².K/W naar Rc 8,0 m².K/W. Ga je voor all-electric (en niet verwarming met gas) dan bespaar je voor de gevel 150 kWh per jaar (dat is circa 15 m³ gas per jaar). Ter vergelijking: dat is gelijk aan de jaaropbrengst van 1,0 m² zonnepaneel (kosten: ca. 200 euro). Met een warmtepomp met een gemiddelde COP (rendement) van 3 als verwarming is dat zelfs nog maar 0,3 m² zonnepaneel.

Gebouw integraal bekijken
Concurrentie van hogere isolatieniveaus is met name afkomstig uit de installatietechniek. Gaan we naar energienotaloos dan wordt vaak de keuze gemaakt voor een duurzame opwekking binnen een all-electric systeem. Voordeel is dat terug leveren van energie binnen de huidige regelgeving nog gesaldeerd kan worden, en het dus ook kostentechnisch interessant is om de energie die wordt verbruikt lokaal direct op te wekken. Omdat er bij renovatie vaak slechts beperkte ruimte voor zonnepanelen is op bestaande daken, zal de rekensom verbruik versus duurzame opwekking gemaakt moeten worden.
Groot nadeel van installaties is dat ze onderhoud nodig hebben en na een bepaalde tijd vervangen moeten worden. Daarnaast leveren ze vrijwel geen comfortvoordeel op.

Welke Rc-waarde is dan het meest geschikt?
De meest geschikte isolatiewaarde is niet direct te benoemen. Dat is van meerdere aspecten afhankelijk. Houd de volgende aanbevelingen aan:
– In een spouwmuur ga je al snel naar Rc van 1,8 m².K/W met glaswol spouwvulling, een zeer kosteneffectieve maatregel (goedkoop en we zagen al dat de eerste stap de meeste energie bespaart). Isoleer dus altijd de spouwmuur na! Ook wanneer daarna een voorzetwand of een nieuwe gevel wordt geplaatst is dit nooit een verloren maatregel.
– Ga je aan de buiten- of binnenzijde isoleren – omdat er bijvoorbeeld geen spouw aanwezig is, de beoogde energie-ambitie verder reikt (energienotaloos, A++ label of passief) of de gevel esthetisch wordt gerenoveerd – dan is het weer zonde om je te beperken tot slechts Rc 2,0 m².K/W. De meerprijs voor Rc 2,5, 3,5 of nog hoger is dan weer minimaal ten opzichte van de totale investering. Dan kun je het beste voor een optimale verhouding beschikbare ruimte / Rc-waarde kiezen.
– Differentieer in isolatiewaardes: neem een hogere waarde in het dak. Vuistregel: Rc-waarde dak = 1,5 x Rc-waarde gevel.
– Vergeet ook zeker andere bouwtechnische maatregelen niet: werk de schil zo goed mogelijk luchtdicht af en beperk koudebruggen. Uit onderzoek blijkt dat dit, zeker bij hogere Rc-waardes, veel meer impact heeft op de energieprestatie.
– Kijk ook naar de prestaties van het glas, dit is nog altijd de zwakste schakel in de schil. Met TripleHR in plaats van HR++ beglazing bespaar je nog eens 140 m³ gas.
– En als laatste geldt: isoleer altijd zorgvuldig zonder kieren, naden en valse spouwen (convectiestromen). Uiteindelijk moet de berekende besparing natuurlijk wel in de praktijk worden waargemaakt!

2 Responses to De zin en onzin van hoge isolatiewaardes

  1. Beste Ivo,

    Jammer dat de analyse is beperkt tot een tussenwoning. Bij een vrijstaande woning of 2-onder-1 kap woning is de verhouding gevel – dak een heel andere.

    Daarbij komt dat de meeste theoretische rekenmodellen uitgaan van een woning als een soort box. In de praktijk worden de bovenverdiepingen veelal minder warm gestookt (slaapkamers) en zou er daardoor in de benedenvertrekken relatief meer warmteverlies plaats door de gevel kunnen plaatsvinden.

    Het zou interessant zijn om deze aanbevelingen te differentiëren naar woningtype zodat er ook geen verkeerde beeldvorming kan ontstaan over de effectiviteit van isolatiemaatregelen.

  2. Beste Rob,

    Bij een vrijstaande woning is er inderdaad meer geveloppervlakte t.o.v. dakoppervlakte dan bij bijvoorbeeld een rijwoning. Echter, de genoemde bouwfysische uitgangspunten blijven staan, al zijn de absolute besparingen in de gevelisolatie wel een stuk groter. De besparing per m2 gevel zal om en nabij gelijk zijn.

    De overweging om hier van rijwoningen uit te gaan is omdat dit veruit de grootste groep woningen betreft. In Nederland staan ongeveer 3x meer rijwoningen dan vrijstaande woningen. Dat zijn 10x meer rijwoningen dan 2/1 kap woningen. Tevens zijn het vaak corporatiewoningen van helaas slechte energetische kwaliteit. Daarnaast lijken ze erg op elkaar en lenen ze zich prima voor grootschalige renovatie. zie ook http://www.bestaandewoningbouw.nl/woningvoorraad-uniformiteit-in-verscheidenheid/

    Vrijstaande woning:

    Dak (ca. 120m2 conform Referentiewoningen):
    Van niet geïsoleerd naar Rc 2 = 1184 m3 besparing
    Van Rc 2 naar Rc 2,5 = 77 m3
    Van Rc 2,5 naar Rc 3,5 = 91 m3

    Gevel (ca. 135m2 conform Referentiewoningen):
    Van niet geïsoleerd naar Rc 1,5 = 1228 m3 (bijv. spouwmuur isoleren)
    Van Rc 1,5 naar Rc 2,5 = 214m3
    Van Rc 2,5 naar Rc 3,5 = 98 m3

    Hier liggen dak en gevel wat betreft besparing dus erg dicht bij elkaar. Des te meer reden om inderdaad altijd ook voor gevelisolatie te gaan. Zoals gezegd: een hogere isolatie-waarde bespaart altijd meer energie. De eerste stap van niet geïsoleerd naar wel isoleren (bijvoorbeeld spouwmuur inblazen) bespaart veruit de meeste energie. Daarna kan er aan de buiten- of binnenzijde worden geïsoleerd naar een Rc van 2,5 – 3,5 of , afhankelijk van het gebouw en ambitieniveau, hoger.

    Dit zijn inderdaad theoretische benaderingen. Mocht een gezin minder de bovenverdiepingen gebruiken of verwarmen, dan zal de invloed van dakisolatie inderdaad lager liggen. Wellicht is het isoleren van een vliering of vloer dan weer extra interessant.

    op http://www.isover.nl/renovatiewijzer/renovatiewijzer/ zijn deze besparingen terug te vinden.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *