het dak van een actief huis

Samenstelling: Martin Liebregts en Yuri van Bergen

Duurzaamheid wordt steeds grijpbaarder. Nieuwe benaderingen en oplossingen overstijgen het rekenwerk. In dit artikel laten we zien wat belangrijke variabelen voor duurzaam wonen zijn en welke deeloplossingen er op de markt verschijnen voor de verschillende componenten. Dit artikel is de eerste in de serie en gaat over het dak. Betoogd en geïllustreerd wordt, dat we met elkaar moeten zoeken naar oplossingen voor een ‘actief’ huis of de ruimte moeten benutten om energie op te wekken.

De variabelen van duurzaamheid

Tot nu toe is duurzaamheid nog te veel het terrein van rekenen. Vele mensen rekenen, maar nog te weinig is er bekend hoe al dat rekenwerk zich verhoudt tot de dagelijkse praktijk. Moeten we zorgvuldig omgaan met onze gebouwen, is het A-label van elk huishoudelijk apparaat prioriteit nummer één, of is het nodig om meer flexibel te bouwen, zodat een gebouw zich gemakkelijk aan een veranderende vraag kan aanpassen? Eigenlijk zijn we op zoek met elkaar naar duurzaamheidcriteria, die een leidraad bij het dagelijks handelen kunnen zijn. ‘Cradle to Cradle’ is wat dat betreft te algemeen en misschien ook wel te vaag. Misschien is de slogan ‘verspillen is zinloos’ een even hanteerbaar begrip en zo oud als de mensheid bestaat.

Als we dan toch gaan rekenen, gaat het meer om de eenvoud dan om het rekenen tot ver achter de komma. Op basis van de huidige berekeningsmethoden van de effecten op het milieu zou de volgende prioriteitenlijst voor de verschillende variabelen kunnen worden samengesteld (op volgorde van de belasting van het milieu) (2):

  • Consumptief elektraverbruik: Bovenaan de lijst staat het zorgvuldig omgaan met elektraverbruik van individuele consumptie. Dit aspect kan, naast minder of energiezuinigere apparaten, het beste bestreden worden door ook op woning- of buurtniveau duurzame energie op te wekken.
  • Instandhouding respectievelijk aanpassing van woningen: De basis wordt gelegd in goede ruimtelijke woningen, die op eenvoudige wijze aan de veranderende eisen van gebruik aangepast kunnen worden.
  • Het bouwen van woningen: Evenals bij slopen is de levensduur van woningen de sleutel voor de reductie van milieubelasting. In dit geval begint duurzaamheid bij een kwaliteit die de mode van de dag overleeft. De levensduur houdt verband met de uitstraling die gericht is op de lange termijn (tijdloos).
  • Het slopen van woningen: Het slopen hangt nauw samen met het bouwen. In principe is het één aspect, waar begin en eind bij elkaar komen. Echte aandacht verdient hier de recycling, zodat de belasting gereduceerd wordt. Dit aspect komt het dichtst bij het thema van ‘Cradle to Cradle’. Meer begrip voor demontabel bouwen is hier op zijn plaats.
  • Het verwarmen van de woning: Dit staat voortdurend op nummer één op de agenda. Misschien is het wel de reden dat we dit aspect het gemakkelijkst kunnen reduceren tot ‘nul’.

In de figuur ‘Milieubelasting’ wordt in milieupunten weergegeven wat het bouwen, gebruik/wonen en slopen van de woning, met al de daarbij behorende apparatuur, qua belasting betekent. Duidelijk zichtbaar is de substantiële bijdrage in het consumptief gebruik. Een grote reductie is te realiseren door gebruik te maken van duurzame energie, in dit voorbeeld PV-cellen en zonneboilers, met een totale reductie van meer dan 1/3 milieupunten. Voor het bouwen, in stand houden en slopen van de woning is de levensduur cruciaal, in dit geval 120 jaar. In dit opzicht kan het dak een essentiële rol gaan spelen voor de toekomst van duurzaam wonen en overvleugelt zo elke discussie een pondje meer of minder energiebesparing.

Voorbeeld van een nieuwe concept “Solar Prism” (3)

Gebouwen verbruiken wereldwijd ongeveer 40% van alle opgewekte energie. Om de uitstoot van CO2 we-reldwijd te reduceren, is het belangrijk het totale energieverbruik van de bestaande gebouwvoorraad terug te dringen. Om deze uitdaging aan te gaan, zonder in te leveren op onze comfortabele levensstijl, is een nieuw modulair renovatieconcept ontwikkeld. Met het concept “Solar Prism” kunnen bestaande gebouwen met een hellend dak op een duurzame manier worden gerenoveerd.

Het concept “Solar Prism” bestaat uit drie hoofdelementen. Oppervlakken die zonne-energie opwekken, technologie voor energie- en klimaatbeheersing en het prisma als interface. Deze combinatie vormt de basis om optimaal duurzaam te renoveren en een bouwontwerp te realiseren, waarin de behoefte aan daglicht, warmtebeheersing en ventilatie met elkaar in evenwicht zijn. Het concept heeft als doel duurzaam renoveren te vereenvoudigen en een positieve bijdrage te leveren aan de mondiale milieuvraag.

Door het unieke ontwerp volgens de principes van Actief Huis ontstaat bij de opbouw een ideale balans tus-sen energieontwerp, binnenklimaat en de omgeving, waarbij het wooncomfort en de gezondheid van de bewoners centraal staat. Bestaande gebouwen kunnen energieproducerend worden gemaakt door het opwekken van duurzame energie, een verbeterd binnenklimaat met natuurlijke ventilatie, daglicht en warmte recyclende achtergrondventilatie, met als resultaat een reductie van de CO2-uitstoot. Door optimaal gebruik te maken van daglicht en passieve zonne-energie wordt tevens energie bespaard. Door de modulaire op-bouw kan worden ingespeeld op de specifieke behoeften van individuele gezinnen en kunnen technologieën en oppervlakken worden opgewaardeerd, zodat ook in veranderende behoeftes in de toekomst kan worden voorzien.

Energie onder dak

De opvatting dat de woningvoorraad een substantiële kwaliteitsaanpassing behoeft, wordt breed gedragen. Hierbij gaat het niet alleen om technische kwaliteit, maar juist vooral ook om woonkwaliteit, en ook om kwaliteiten, die voortkomen uit maatschappelijke ontwikkelingen, zoals duurzaamheid en energiezuinigheid. Echter in de huidige praktijk ligt de nadruk op planmatig onderhoud. Bijna de helft van alle financiële middelen wordt hieraan besteed. Renovaties hebben meer een incidenteel karakter.

Het componentdenken geeft de mogelijkheid om aansluitend op de huidige praktijk extra kwaliteit toe te voegen. Componenten zoals daken, gevels, installaties, douche/toilet/keuken staan centraal in de huidige aanpak. Het componentdenken houdt in dat zowel bij de vraag als bij het aanbod de componenten afzonderlijk worden beschouwd in hun mogelijkheden, om extra kwaliteit aan de woning toe te voegen. Pakt men bijvoorbeeld het dak aan, dan kan men relatief eenvoudig door extra dakisolatie en het vernieuwen van de installatie op zolder twee energielabels opschuiven. Door het toevoegen van een dakkapel kan men ook nog de bruikbaarheid van de woning vergroten. Op een dergelijke manier worden de mogelijkheden om kwaliteit toe te voegen ook bij planmatig onderhoud vergroot. Wanneer ook het aanbod zich gaat richten op deze vraag en componenten gaat ontwikkelen, die breed en projectoverschrijdend toepasbaar zijn, begint er echt wat te veranderen. De klant kan dan centraler komen te staan en de kwaliteitssprong wordt dan, zij het met kleine tussensprongetjes, ingezet.
De renovatie van het dak biedt de mogelijkheid om woonruimte in combinatie met verbetering van de energielabel (met minaal twee labels) en om duurzame energie een plaats te geven. Nieuwe installaties kunnen onder en op het dak geplaatst worden en esthetisch volledig geïntegreerd (warmtepompen, zonneboilers, PV-cellen). Wonen wordt zo minder een last.

Bronnen:
  1. ComponentRenovatie centraal, Martin Liebregts en Yuri van Bergen, 9 maart 2010
  2. De berekeningswijze voor bouwen, instandhouden en slopen is gebaseerd op een levensduur van 120 jaar. De berekeningen zijn een weergave van deelonderzoeken uit het promotieonderzoek van Haico van Nunen. Milieupunten zijn berekend met behulp van EcoIndicator99
  3. Ontleend aan Velux, Solar Prism duurzaam renoveren op platte daken, 7 april 2010

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *