de coalitie ontwaakt…

door: Martin Liebregts en Yuri van Bergen

De woningbouw staat voor een gigantische opgave. De huidige voorraad moet de komende decennia aangepast worden aan de eisen van de eenentwintigste eeuw. Over vijftig jaar zal de woningbouw in Nederland vooral bestaan uit de huidige zeven miljoen woningen.

Om deze opgave met alle partijen zo goed mogelijk in te vullen, zullen de krachten gebundeld moeten worden. Ofwel zal de ketenintegratie versneld geconcretiseerd moeten worden. De COALITIE BESTAANDE WONINGBOUW probeert hier handen en voeten aan te geven, door met elkaar de kwaliteit die nagestreefd wordt nader te benoemen, op basis van de huidige inzichten, en deze kwaliteit in de tijd aan te vullen of aan te passen.

 

Met de publicatie van een manifest RENOVATIEVISIE 2050 poogt een netwerk van de toeleverende industrie en adviseurs – actief in de bestaande woningbouw – met elkaar voor de verschillende levensduurverlengingen van woningen (exploitatieperiode van vijftien, dertig en vijfenveertig jaar) de kwaliteit vast te leggen voor de verschillende onderdelen of componenten van de woning. Dit varieert van dak, gevel, woninginstallaties tot de afbouw en uitrusting (keuken, douche en toilet). Van de meest voorkomende situaties wordt vastgesteld wat de huidige uitgangskwaliteit is en waaraan de kwaliteit moet voldoen bij de verschillende perioden van ingreep. En wordt het huidige aanbod en de gewenste innovaties belicht.

De kracht ligt in het feit dat:

  • De kwaliteit in samenhang wordt beschouwd en dient als referentie;
  • De communicatie tussen het aanbod en de vraag versterkt kan worden;
  • De ontwikkelingen, resp. innovaties een betere basis krijgen. Dus niet gericht op één aspect – bijvoorbeeld energie – maar op de gebruikskwaliteit die gewenst wordt.

De markt aan het woord

De afgelopen decennia is de overheid steeds meer terug getreden op die terreinen waar het maatschappelijk krachtenveld zelf inhoud kan geven. Een van die terreinen vormt de kwaliteit en de kwaliteitsaanpassing van bestaande woningen. In de jaren zeventig en tachtig was de overheid zowel als Ministerie Volkshuisvesting als via gemeentelijke volkshuisvestingsdiensten de leidende partij in de ontwikkeling. In de jaren negentig van de vorige eeuw heeft de overheid zich geleidelijk teruggetrokken en is het de markt die het moet doen. In de nieuwbouw heeft het geleidelijk zijn eigen dynamiek gekregen, maar in de bestaande bouw en de ermee verbandhoudende kwaliteitsaanpassing heeft het geleid tot passiviteit. De afgelopen 25 jaar zijn er nauwelijks nog innovaties geweest op dit terrein. De toeleverende industrie en de bouwbedrijven hebben zich stil gehouden. Voor zover er iets gebeurde, betrof het ketenintegratie zoals dat zich in alle sectoren van de maatschappij voordoet. Maar er is geen sprake van iets specifieks. De afgelopen jaren is er enige beweging te bespeuren. Vaak gaat het om voorzichtige stappen, die sterk individueel ofwel bedrijfsgericht is. Maar dat zal nooit tot een structurele verschuiving leiden. Nu de overheid zich al jaren uit dit speelveld heeft teruggetrokken en dat de markt van de bestaande voorraad alsmaar groeit, is het van belang dat vraag en aanbod opnieuw met elkaar in gesprek gaan. En nu zonder bemoeienis van de overheid. De markt is aan het woord als het over de kwaliteitsaanpassing van de bestaande (woning-) voorraad gaat.

Op zoek naar een taal

De markt kan niet functioneren als de taal die gebruikt wordt niet eenduidig is en zowel door de vraagkant als aanbodkant gehanteerd wordt. Zeker in geval van kwaliteitsaanpassing is dit essentieel. De basis voor de aanpassing is nu eenmaal het tijdsperspectief. Als iets vijftien, dertig en vijfenveertig jaar nog moet functioneren, stelt het andere eisen aan de te realiseren kwaliteit. De gewenste kwaliteit zal opnieuw gedefinieerd moeten worden in het licht van het tijdsperspectief.
De gewenste kwaliteit is de basis voor innovatie en productontwikkeling. Hoe explicieter dit benoemd kan worden, des te beter de markt hierop kan inspelen.

Aanbod met draagvlak

De maatschappij laat zich niet zomaar sturen van bovenaf. En zeker niet door de traditionele instituties. De kunst is erin gelegen om voortdurend in samenspraak met de markt het gewenste aanbod te definiëren. De Grote-Renovatie-Enquête, heeft gepoogd hierop een eerste antwoord te geven. Maar om het antwoord concreter te maken, zullen er nog enkele stappen gezet moeten worden. Dit geldt zeker als het om kwaliteitsniveaus gaat in relatie tot de toekomst (exploitatieperioden). Uit de praktijk van de BouwhulpGroep zijn de eerste contouren te formuleren. Ze zijn gebaseerd op duizenden enquêtes onder bewoners en honderden gesprekken met beheerders.

Het voordeel van deze brede ervaring is dat het vooroordeel geleidelijk vervangen wordt door een gedragen oordeel door de markt vanuit de vraagkant. Het startpunt van de benoeming van de gewenste kwaliteit behorende bij de verschillende exploitatieperioden zal gebaseerd zijn op deze praktijk van de BouwhulpGroep.

Partners i.p.v. concurrenten

De aanpak van de bestaande (woning-) voorraad kan nooit door één marktpartij worden gerealiseerd. Het is een collectieve opgave en tevens een grote gemeenschappelijke markt. Samenwerking is daarom vereist.

Op woensdag 9 februari 2011 brengen zeventien marktpartijen voor het eerst een manifest naar buiten tijdens de Internationale BouwBeurs 2011 Utrecht. Waarin zo concreet mogelijk de kwaliteit wordt benoemd voor de verschillende onderdelen van een gebouw is in relatie tot de ‘gewenste’ levensduur. Wilt u over 40 jaar ook kunnen vertellen, dat u erbij was…

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *