Maandelijks archief: mei 2012

FRESHRENOVATIE 1.0 upcycling biedt portiekflats een hoogwaardiger nieuw leven

Auteurs: Yuri van Bergen en Martin Liebregts

De afgelopen decennia zijn er door de BouwhulpGroep duizenden portiekflats gerenoveerd, verspreid over het land. Op allerlei onderdelen zijn in die periode nieuwe oplossingen bedacht en toegepast. In alle situaties speelden beeldkwaliteit en energiebesparing een essentiële rol. Het is in wezen een vanzelfsprekendheid dat hier aandacht voor is. Maar er is meer nodig om de toekomstwaarde van portiekflats structureel te verbeteren. De ondertitel zegt het al door de introductie van het begrip ‘upcycling’(1).

Op componentniveau zijn dus in de periode 1990-2010 diverse vernieuwingen gerealiseerd (2). De flexibiliteit van de constructie is verruimd (flexibele doorbraak); voor keuken, douche en woninginstallatie zijn geïntegreerde oplossingen bedacht; op allerlei manieren zijn liften bijgeplaatst (intern of extern); diverse vormen van balkonvergroting zijn geïntroduceerd etc.

Maar nog steeds vindt bij de aanpak van de portiekflat in de praktijk een voortdurende heroverweging op projectniveau plaats, omdat een of meerdere passende concepten voor het geheel ontbreken.Voor de BouwhulpGroep is dit aanleiding geweest om een sprong voorwaarts te maken en de portiekflats een nieuw leven te geven met meerwaarde, in de vorm van het concept ‘FRESHRENOVATIE 1.0’. Door upcycling wordt optimaal gebruik gemaakt van het bestaande en het geheel wordt opgeschaald met meerwaarde (3).

Verder lezen

In people we trust…

Door: Raymond van Hattum

De laatste tijd is het consumentenvertrouwen tot een dieptepunt gedaald, mede door alle negatieve berichtgeving in de media. Want voor velen van ons zal de situatie niet veel anders zijn dan een jaar geleden. Vertrouwen ontbreekt niet alleen bij consumenten maar ook bij de verschillende bouwprofessionals. Dit geldt zowel voor het vertrouwen in de economie als in elkaar en op die manier komen we dus niet in beweging. Stilstand is achteruitgang, als je doet wat je altijd deed, krijg je wat je altijd kreeg et cetera.

Verder lezen

SMARTRENOVATIE 1.0 de introductie van een duurzaam renovatieconcept als motor voor innovatie

Auteurs: Yuri van Bergen en Martin Liebregts

Van E’novatie naar Smartrenovatie

Al tientallen jaren is de BouwhulpGroep actief op het terrein van renovatie, energiebesparing en duurzaamheid. Zo was ze als coördinator nauw betrokken bij het E’novatieprogramma in de periode 1988 tot 1992 en recent als adviseur en architect bij Active House.
Ondertussen zijn op allerlei deelterreinen – zoals ‘De serie van één’, Alliantie Dak+ met Panzer, Alliantie Gevel+ met SMILE – in samenwerking met marktpartijen oplossingen ontwikkeld, die de nieuwe manier van renoveren mogelijk maken, met respect voor de wensen van de huidige bewoner en met oog voor een duurzame toekomst. Het concept heeft de naam gekregen ‘Smartrenovatie 1.0’, omdat dit product zich in de tijd voortdurend zal ontwikkelen en morgen bij wijze van spreken weer aangepast wordt. De publicatie over ‘Smartrenovatie 1.0’ zal plaatsvinden in september 2012. De komende drie maanden zullen benut worden om tot een goede afstemming met de marktpartijen te komen.

Verder lezen

De beperking van het gemiddelde in de woningbouw

Veel van hetzelfde

Onlangs sprak ik een goede kennis over de nieuwe ‘conceptuele’ aanbestedingsvorm. Zijn eerste reactie was: Het aanbod is altijd hetzelfde, alleen de gevel verschilt wat.
Van innovatie is geen sprake. De zoektocht vanuit het aanbod is gericht op de gemiddelde vraag, zoals die door de professionals wordt ingevuld. Dit geldt zowel voor aanbieders (bouwers, ontwikkelaars) als voor vragers (corporaties, beleggers). Vanuit dat oogpunt beweegt er nog weinig en zijn we met z’n allen bezig de volkswoning in drie prijsklassen in te delen. Dit geldt zowel voor nieuwbouw als voor renovatie. Vanuit de aanbieder wordt gezegd dat dit de wens is van de markt en vanuit de professionele opdrachtgever wordt alleen gedacht aan de ‘gemiddelde’ bewoner. Het zijn op deze wijze bijna dezelfde ingrediënten waarop in het verleden in Oost Europa de planeconomie gestuurd werd. Het eeuwige gemiddelde domineerde daar de markt.

Verder lezen

Samenwerken!

Vele bijeenkomsten, gespreksgroepen, onderzoeksprojecten en brainstormsessies passeerden de revue. Vaak allen met het zelfde vraagstuk; “Hoe creëren we meer duurzaamheid in de bouw?”.

Het antwoord op die vraag is eigenlijk heel eenvoudig; ‘samenwerken’! Hoogst waarschijnlijk zijn er binnen uw bedrijf de nodige ontwikkelingen uitgedacht, net zoals bij vele andere bedrijven. Waarom zouden we onze visie niet met elkaar delen om zodanig tot kennisgeïntegreerde innovatie te komen? Niet zozeer werkend richting een commercieel succes, maar vooral richting een maatschappelijk succes. Dat het maatschappelijke succes uiteindelijk zal resulteren in een financiële winst op de langere termijn mag zeker een doel zijn. We brengen uiteindelijk allemaal graag brood op de plank.

Verder lezen

Bewoners: een lastige hindernis of onmisbare informatiebron? (3)

Onderdeel van drieluik ‘Innoveren in Renoveren’ – 3

Auteurs: Doris de Bruijn & Sean Vos

Bewoners zijn niet alleen de klant van de corporaties, maar ook de ultieme ervaringsdeskundigen als het gaat om de waardering van het woongenot in een complex. Het is alleen daarom al nuttig om bewoners intensief bij de planvorming te betrekken in het geval van onderhoud en/of woningverbetering. Wanneer bewoners intensief in het renovatieproces worden betrokken en de kans krijgen om mee te denken in de te kiezen aanpak, loopt het proces uiteindelijk soepeler en levert het vaker tevreden klanten op. Ook blijkt het onderwerp huurverhoging vaak gemakkelijker bespreekbaar te worden, met een grotere slagingskans voor een kwaliteitssprong als resultaat.

Moeten we wel of geen huurverhoging vragen voor energiebesparende maatregelen? Dat is een veel gehoorde vraag wanneer er plannen worden gemaakt voor renovatie van een complex. De meningen hierover zijn nogal verdeeld. Er zijn corporaties die een renovatie met woningverbetering alleen door laten gaan wanneer bewoners meebetalen in de vorm van een huurverhoging en er zijn corporaties die juist geen huurverhoging vragen, vaak om gedoe te voorkomen en energiebesparende maatregelen snel en zonder een uitgebreid communicatietraject te kunnen nemen. Wij zijn in de meeste gevallen voorstander van de eerste strategie. Wanneer bewoners akkoord gaan met een huurverhoging, wil dat zeggen dat ze bewust over de consequenties hebben nagedacht en dus in zekere mate achter de plannen van de corporatie staan. Uiteraard moet de huurverhoging in verhouding staan tot de geboden verbetering van het woongenot en de energiebesparing die met de maatregel wordt behaald. Wanneer woningverbeteringen gratis worden aangebracht klinkt dat in eerste instantie interessant voor de bewoner, maar is het nog maar de vraag of alle bewoners op deze maatregelen zitten te wachten. Zij hebben er immers niet om gevraagd en worden geconfronteerd met maatregelen en overlast die voor het gevoel van bovenaf wordt opgedrongen. Als de genomen maatregelen dan vragen om een andere manier van handelen (bijvoorbeeld bij een nieuw ventilatiesysteem de ventilatie een stand hoger zetten bij het douchen) of meer overlast veroorzaken (bijvoorbeeld meer herrie als gevolg van mechanische afzuiging), kan dat leiden tot een regen van klachten, waar je als corporatie niet op zit te wachten. Indien de bewoners zelf hebben meegedacht over welke maatregelen genomen zouden moeten worden en er bovendien aan meebetalen, ligt de tolerantiegrens doorgaans een stuk hoger omdat ze beter op de hoogte zijn van wat er gaat gebeuren en weten wat de consequenties zijn van de ingreep.

Verder lezen

Vragen of aanbieden? (2)

Onderdeel van drieluik ‘Innoveren in Renoveren’ – 2

Auteurs: Doris de Bruijn & Sean Vos

Waar deel 1 van dit drieluik ging over het mijden van risico’s in het beheer van de bestaande voorraad en de noodzaak voor een kwaliteitssprong voor een groot deel van deze voorraad, staat in dit deel de aanpak van het renovatieproces centraal. Hoe kan iedere euro die aan de verbetering van het bestaande vastgoed wordt besteed zo efficiënt mogelijk worden uitgegeven? Wij geloven dat de aanpak van de bestaande voorraad kwalitatief beter, sneller, efficiënter en spectaculair goedkoper kan, mits er goed gebruik wordt gemaakt van de aanwezige schaalgrootte en er een andere procesaanpak wordt gekozen.

Iedere woning is anders en daarom is iedere renovatie een unieke opgave, wordt vaak gezegd. Toch is dit slechts ten dele waar. Na de oorlog is er in de wederopbouwperiode een enorme nieuwbouwproductie gerealiseerd, waarbij door het hele land op zeer grote schaal slechts vier verschillende woningtypen zijn gerealiseerd: rijtjeswoningen (meestal doorzon), duplexwoningen, portieketagewoningen en galerijflats. De woningen van een zelfde type vertonen onderling grote overeenkomsten en zijn daarom ook zeer geschikt voor een seriematige aanpak waarbij voor een aantal belangrijke componenten zelfs geautomatiseerde industriële productie mogelijk is, met alle bijbehorende schaalvoordelen. Het bouwproces in Nederland is er echter nog niet op ingericht om de voordelen die een seriematige aanpak biedt volledig te benutten, waardoor bouwen en renoveren aanzienlijk duurder uitpakt dan noodzakelijk.

Verder lezen

Het succes van MIAR

Door: Yuri van Bergen

Het is goed om in de markt te constateren dat steeds meer partijen op zoek zijn naar nieuwe vormen van samenwerking, waarbij kennis en kunde van alle partijen optimaal worden benut. De MIAR-methode (Methode Innovatiestimulerend Aanbesteden en Realiseren) is er een van.

Als je na de workshop die voor Futura is georganiseerd terugkijkt, dan beantwoordt de methode aan de verwachtingen vanuit de markt. De vijf eisen, die vanuit de opdrachtgeverspraktijk gesteld zijn, betreffen:

  1. Het verbeteren van de prijs-kwaliteitsverhouding door o.a. de stapelkosten te beperken
  2. Het optimaler benutten van de kennis, die aanwezig is in de keten
  3. Meer ruimte scheppen voor het bijzondere in het project door beter gebruik te maken van de projectoverstijgende overeenkomsten
  4. Maximaal benutten van de eigen kennis en kunde als opdrachtgever
  5. De continuïteit van kennis in het proces zo goed mogelijk ruimte geven en zo de basis leggen voor een verbeterde kwaliteitsborging.

Het zijn deze aspecten die vanuit de vraagkant als belangrijk worden beschouwd. Het is nu aan de praktijk om dit verder in te vullen en uit te bouwen.

BouwhulpGroep

Risico’s nemen of risico’s mijden? (1)

Onderdeel van drieluik ‘Innoveren in Renoveren’ – 1

Auteurs: Doris de Bruijn & Sean Vos

De corporatiesector maakt moeilijke tijden door als gevolg van het politieke klimaat, de ontwikkelingen in de bouwsector en de steeds verder toenemende woonlasten. Daarnaast staan corporaties over het algemeen niet bepaald bekend om hun innovatieve manier van werken en een snelle reactie op veranderende omstandigheden. Toch vragen de marktomstandigheden van nu op een passende, snelle en doortastende reactie van alle betrokken partijen. De aandacht gaat daarbij vooral naar het op peil houden van de kwaliteit van de bestaande voorraad in deze moeilijke tijden. In het drieluik ‘Innoveren in Renoveren’ reikt SlimRenoveren aan de hand van hun eigen visie op de bouw- en renovatiesector drie belangrijke handvatten aan voor een innovatieve aanpak voor het realiseren van een grootschalige, effectieve en grondige kwaliteitssprong in de bestaande woningvoorraad.

Voor sommige corporaties zijn de onderwerpen een open deur. Zij behoren tot het handjevol koplopers dat de weg naar innovatie heeft gevonden en deze weg vol bevlogenheid volgt. Herkent u uw werkwijze in de onderwerpen die aan bod komen? Gefeliciteerd, u bent op de goede weg en behoort tot de innovatoren van Nederland!

Uiteraard nodigen wij u van harte uit om te reageren op de onderwerpen die in dit drieluik aan bod komen en uw visie te schetsen. We roepen daarbij op tot het voeren van een brede, positieve discussie, waarbij de nadruk vooral ligt op kansen en succesverhalen die in staat zijn om de bestaande beren van de weg te doen verdwijnen.

Verder lezen

Nieuwe selectiemethoden vereisen studie vooraf

Auteurs: Martin Liebregts en Yuri van Bergen

Programmastudie, een creatieve puzzel

Een programmastudie richt zich op de samenhang tussen de huidige en toekomstige vraag en het aanbod. De integraliteit bestaat eruit dat alle aspecten (kwaliteit, kosten, sociaal) op alle schaalniveaus in hun context beschouwd worden en geïllustreerd worden via concepten ofwel varianten. Het is een mond vol om te zeggen dat het programma het resultaat is van een ontwerpproces, waarbij alle onderdelen met elkaar in verband worden gebracht om de gewenste kwaliteitsaanpassing te verbeelden. Een programma is geen optelsom van prestaties, maar is vooral een waardering en/of keuze die illustreert waarnaar gezocht wordt. Het is een combinatie van vastomlijnde prestaties en een verhaal over de toekomst. Bijgevoegde figuur laat de puzzelstukjes zien en geeft de stappen aan, die bij een programmastudie gezet worden. Een programmastudie is een zoektocht en een creatieve puzzel, waarbij gebruik gemaakt wordt van alle benodigde disciplines. In wezen is hier bij de kwaliteitsaanpassing van de bestaande (woning)bouw allereerst een conceptontwikkelaar aan het werk, die via inventarisatie en analyse poogt mogelijkheden te verbeelden met de bijbehorende consequenties. Tijdens zo’n creatief proces zoekt de conceptontwikkelaar draagvlak voor het toekomstbeeld bij de betrokken partijen. Voor zover er sprake is van een groepsproces, is dit toch vooral bedoeld om het speelveld in kaart te brengen.

Verder lezen